Column St-Alexius in De Morgen van zaterdag 14 april 2018

Sint-Alexius

 

Er is niks mis mee als Club Brugge een van de komende speeldagen zoveel punten voorsprong vergaart dat ze niet meer bij te halen zijn door de concurrentie. Het zal al mei zijn voor Club Brugge voor de vijftiende keer kampioen wordt. Nogmaals, niet meer dan normaal.

Misschien is 2017-2018 een van de minst goede voetbalseizoenen van deze eeuw. Het allerslechtste volgens veel analytici, maar dat durven ze niet openlijk te zeggen uit vrees afgebrand te worden op de sociale media. Kan allemaal wel zijn, maar dat maakt de rekening niet van wie aan het eind bovenin staat.

Als dit het seizoen van de kneusjes is, dan heeft Club Brugge als enige van die kneusjes in de reguliere competitie bij momenten een overweldigende indruk nagelaten. Wedstrijden die zouden worden verloren, werden alsnog gewonnen of er werd een gelijkspel uit gepuurd. Andere wedstrijden tegen kwade belagers werden makkelijk gewonnen en in de herfst, toen alle andere zelfverklaarde grote ploegen in de Jupiler League het lieten afweten, stoomde Club Brugge onverdroten door.

Het meeste indruk maakte Club afgelopen zondag in de tweede helft in Gent, toen ze de thuisploeg vastzetten. Het 1-0-verlies was vanwege Club een betere wedstrijd dan de 1-4 van twee jaar geleden, toen Club ook in de eerste helft werd weggespeeld en daarna met twee gelukjes onterecht op 1-2 kwam. Wat Club zondag in de tweede helft toonde, was kampioenenvoetbal.

Hoewel er niks mis mee is als Club kampioen wordt, is er ook niks mis als het alsnog fout zou gaan. Zondag nam Sporza een tweet over (dat iemand op die redactie denkt dat hij/zij aan journalistiek doet door tweets af te schrijven, holy sh…) dat het een schande zou zijn als dit Belgisch competitieformat een andere kampioen zou kronen. Welnu, dat is dikke onzin. Het zou vreemd zijn, dat wel, en Club zou – een complete collaps uitgezonderd – nog steeds de beste ploeg van de competitie zijn, maar voetbal is nu eenmaal niet de sport die altijd de schoonste prijs aan de beste geeft.

Bovendien is de format wat hij is, is hij vooraf omstandig uitgelegd en is hij toe aan zijn negende seizoen en worden clubs inmiddels geacht te weten dat het zwaartepunt achteraan de competitie ligt. Daar moet dus rekening mee gehouden worden in de sportieve en trainingstechnische afwegingen.

Bon, dat gezegd zijnde, zou ik de meso- en microcycli weleens willen zien om waarschijnlijk te concluderen dat de trainingen van augustus (de start) tot mei (het einde) weinig verschillen. Veredelde bezigheidstherapie afgewisseld met tactische trainingen, veel meer valt daar niet uit op te maken.

Voetbalclubs die hun ego’s kunnen bezighouden en de neuzen in de juiste richting duwen, schieten al een heel eind op. Wat daar nog bij moet komen, is geluk. Niet te geloven dat we ons met zijn allen zo druk maken in deze sport – dat gevoel overvalt mij keer op keer in de lente – maar ook daar valt niks meer aan te veranderen.

‘Voorsprong Club slinkt.’ Dat was de teneur van de kranten maandag. ‘Club wordt zenuwachtig’, nog zo’n premisse. Vreemd, want de voorsprong van Club met nog acht wedstrijden te gaan is precies dezelfde als toen er nog tien wedstrijden moesten worden gespeeld. Het enige verschil is AA Gent, dat door een zes op zes drie punten heeft goedgemaakt en nu ook op zes punten staat. Anderlecht staat op 6,5, als het ware.

De teneur had dus moeten zijn: Club stap dichter bij titel. Alleen boeit dat niet en daarom worden de lezers voor oenen versleten en wordt hen voorgehouden dat de spanning terug is. Niet dus. De spanning was wel terug geweest als Uronen die strafschop niet had veroorzaakt in Club-Genk. In dat geval was het 0-0 gebleven en had Club nog vier punten voorsprong en zou het morgen, in geval van verlies op Anderlecht, daar nog maar één schamel puntje van overhouden.

Het zal niet gebeuren en ik wens het Club ook niet toe, en al helemaal voorzitter Bart Verhaeghe niet. Stel je voor: alles en iedereen controleren in het Belgisch voetbal en dan er niet in slagen om kampioen te spelen na een voorsprong van twaalf punten. Gesteld dat Murphy dat soort vreselijke plannen heeft met Club, is er nog één troost: van huize Verhaeghe is het niet al te ver naar Sint-Alexius.

St-Alexius

Advertenties