Column Dagdromen over voetbal zonder betaalde transfers in De Morgen van zaterdag 20 oktober 2018

Dagdromen over een betere voetbalwereld

Wat als? Bestaat dat programma nog? Het was door onze mediafabriek gemaakt en het was om te lachen, maar ik heb ook een ‘wat als?’-vraag en die is niet om te lachen. Wat als er nu eens geen transfersysteem was? Wat als mensen nu eens niet mochten worden verkocht als kamelen omdat ze erg goed op een bal kunnen schoppen? Hoe zou het voetbal er dan uitzien?

Ten eerste zouden we het kunnen stellen met de helft minder voetbaljournalisten of wie althans een journalistenkaart heeft en denkt aan journalistiek te doen door allerlei gissingen toe te passen op spelersnamen, punten te geven voor prestaties en/of in de slag te zitten met de makelaar van deze of gene speler. Op zich al een heel verleidelijke reden.

Ten tweede zouden de makelaars gewoon zaakwaarnemers en atletenbegeleiders worden die met de diverse gegadigde clubs gaan onderhandelen over een nieuw of verbeterd contract en die hun jaarlijkse factuur van 3 (voor de hele dure spelers) tot 10 procent (voor de kneusjes) moeten sturen naar de atleet/ speler in kwestie. Louche opportunisten zouden in deze zeer doorzichtige markt weggefilterd worden.

Ten derde zou de stabiliteit van de teams vergroten.

Ten vierde zouden we veel van de ellende van afgelopen week vermijden. Misschien niet het arrangeren van wedstrijden om niet te zakken. Dat kan alleen worden opgelost door de afschaffing van stijgen en dalen op sportieve gronden. De degradatie is een aberratie.

Ten vijfde zou het voetbal eindelijk in regel zijn met het Europees Verdrag voor de Rechten van De Mens en de Europese regelgeving, maar wie vindt dat nu belangrijk? Conclusie: er zitten alleen maar voordelen aan de afschaffing van het transfersysteem.

Dat zal overigens niet gebeuren, beschuldig mij niet van naïviteit, hoogstens van dagdromen over een betere voetbalwereld. Het zal niet gebeuren omdat te veel mensen financiële belangen hebben bij de kamelenmarkt zoals die vandaag (niet) is georganiseerd en omdat niet langer betalen voor mensen een pan-Europese, misschien zelfs mondiale regel zou moeten worden.

Zoals in de Verenigde Staten? Juist, in de Amerikaanse profsport (American football, baseball, basketbal of ijshockey) mag niet worden betaald voor transfers. Maar de vergelijking gaat niet helemaal op. Het verschil tussen Amerika en Europa is alvast dat de Amerikaanse competities geen concurrentie hebben. Zij staan bovenaan de voedselketen en zijn het eindstation voor al wie daar zijn goeie boterham kan verdienen.

Er is nog een verschil en dan komen we bij het meest gebruikte argument om de voetbaltransfers toch te laten bestaan. De opleiding en postformatie van profspelers is in de VS in handen van het schoolsysteem: het zijn de junior high schools, high schools, colleges en universities die het talent opsporen en ontwikkelen tot het door de profteams wordt opgepikt.

In het voetbal zijn de opleiding en postformatie in handen van private clubs en die zweren bij hoog en bij laag dat de afschaffing van de betaalde transfer het failliet van de opleiding zou zijn.

Twee argumenten om dat meteen te counteren. Ten eerste is voetbal de enige sport die geld vraagt voor een overgang. Dat het niet anders zou kunnen, is een behoorlijk grove belediging van andere sporten, die ook opleiden – vaak met meer kennis van zaken dan in het voetbal – zonder dat daar transfersommen tegenover staan. Een zwaar gesubsidieerde sport die kinderen alleen maar de kans geeft om te sporten omdat ze denken er ooit geld voor te krijgen, moeten we durven in vraag te stellen.

Ten tweede is uit alle studies gebleken dat het zogeheten trickledowneffect niet bestaat. Bij ons hebben de sporteconomen Kesenne en Peeters dat al aangetoond en internationaal is Stefan Szymanski tot dezelfde bevinding gekomen. De FIFPro liet een aantal cases onderzoeken en de case van de speler die alles opgeteld het duurst werd verkocht, Cristiano Ronaldo, springt daarbij in het oog. De opleidende clubs Andorinha (7 tot 10 jaar) en Nacional (10 tot 12 jaar) hebben enerzijds twee stellen voetbaluitrustingen en twintig voetballen gekregen en anderzijds 22.500 euro.

Het transfersysteem kan niet worden afgeschaft zonder zorg te dragen voor de opleidende clubs. Bij een verbod op betalingen
bij overgangen zal het geld gedraineerd worden naar de spelers en hun tussenpersonen en dat willen we ook niet. Reguleer de overgangen, haal alle voordelen inzake sociale lasten en belastingen weg en gebruik dat geld om de goed gestructureerde jeugdclubs te vergoeden voor hun werking. Tot daar de dagdroom.

 

Dagdromen van een beter voetbal

Advertenties

Verhaal over de vier werven van het Belgisch voetbal in De Morgen van zaterdag 20 oktober 2018

De vier werven van ons voetbal

De voetbalinstanties vielen van de week over elkaar heen met hun plannen om schoon schip te maken. Of men aan de heilige huisjes van de voetbaljungle wil raken, valt nog te bezien. Wil België echt een gidsland worden, dan zijn dit alvast de grote werven.

Schep orde in het zootje en (tip aan Bart Verhaeghe) hou persoonlijke sfeer erbuiten

Of het nu de nieuwe CEO van de voetbalbond Peter Bossaert is of Marc Coucke van de profliga – die elkaar kennen van toen ze nog allebei Club-supporter waren -, in ongeveer elke zin in elk van die plannen stond ‘onafhankelijk’ en ‘transparant’. Coucke nam de vlucht vooruit, wellicht bang om zelf te veel in beeld te komen met zijn waanzinnig mismanagement van KV Oostende en ook om de kroonjuwelen – lees de ongeoorloofde staatssteun en de ongelimiteerde spelershandel – in veiligheid te brengen.

Dat beide heren van stand dezelfde dag hadden uitgekozen om hun plannen te presenteren, was opvallend. Het was ook alsof ze tegen elkaar opboden. Die woensdag was oorspronkelijk geclaimd door iemand die uiteindelijk nooit in beeld zou komen: Bart Verhaeghe, voorzitter van Club Brugge en ondervoorzitter van de Koninklijke Belgische Voetbalbond.

Een week eerder, nog voor de huiszoekingen, waren de media per mail uitgenodigd in het kasteel van Bever. Dat is de hoofdzetel van Uplace, en dus van de ondernemer Bart Verhaeghe. De uitnodiging kwam trouwens van de pr-afdeling van Uplace, maar de bijeenkomst ging de werking van de voetbalbond aan, toch minstens een beetje vreemd. Of er interesse was om op woensdag 17 oktober te lunchen samen met hem, de nieuwe CEO Peter Bossaert, bondsvoorzitter Gérard Linard, Mehdi Bayat (broer en associé van Mogi, die gevangen zit, en lid van de technische commissie van de KBVB) en tenslotte bondscoach Roberto Martínez?

Dat was inderdaad interessant. Het ging om een informeel contact, waarbij van gedachten zou worden gewisseld aan diverse tafels en waarbij de quotes niet voor publicatie waren. Typisch Belgisch: we gaan je een beetje wijzer maken, maar je hebt het niet van ons.

Het zou er niet van komen want afgelopen dinsdag viel een andere uitnodiging in de bus, nu wel van de voetbalbond: Peter Bossaert zou zijn elfpuntenplan ter gezondmaking van het voetbalbestel presenteren. In Tubeke op het nationaal voetbalcentrum deze keer, niet op het kasteel van Bever. Waarop vanuit die hoofdzetel van Uplace een mailtje werd verstuurd, dat de lunch naar een latere datum was verschoven. In de namiddag was het dan de beurt aan de Coucke-show. Bossaert zei het niet met zoveel woorden, maar daar kwam het op neer: al die voetbalinstanties, het is me een ondoorzichtig politiek zootje.

Breng lastenverlaging in orde met Europa en wel snel

Het Belgisch voetbal opereert in de illegaliteit. Dit land kent het voetbal voordelen toe door een fikse sociale lastenverlaging en een verlaagde bedrijfsvoorheffing. Dat komt ruw geschat neer op 120 miljoen euro steun per jaar aan zestien profclubs. Steun van de overheid is gepermitteerd, als de vrije markt faalt. Er is meer fout dan goed aan voetbal, maar als de gemiddelde Belgische voetballer meer dan 250.000 euro verdient, kan er nooit sprake zijn van een falende markt. Die voordelen worden gebruikt om spelers te halen uit het buitenland en hogere salarissen te betalen.

Fiscaal expert Michel Maus is formeel: “België heeft deze staatssteun nooit aangemeld. Het is een kwestie van tijd voor Europa dit afschiet en dan krijg je het scenario als bij de excess profit rulings van die 35 multinationals, die van ons land een te gunstige taxatie kregen en dat met terugwerkende kracht moeten terugbetalen.”

De voordelen van die multinationals zijn vergelijkbaar met die van het voetbal: 700 miljoen euro. Maus: “Dat kan het voetbal niet terugbetalen, want dan zijn alle clubs meteen failliet. Mijn raad is om naar de EU toe te stappen en een overeenkomst te maken rond een zogeheten groepsvrijstelling. Dat kan, maar dan moet de bedoeling duidelijk gedefinieerd zijn. Opleiding zou kunnen, maar ook infrastructuur. Dat laatste is volgens mij de oplossing: de verlagingen gebruiken om nieuwe stadions te financieren, dan moet je ook niet langer bij de overheid aankloppen voor een stadion.”

Installeer echt licentiesysteem voor tussenpersonen, vraag om witwaswetgeving uit te breiden naar voetbal en installeer onafhankelijk clearinghouse

De financiën van het Belgisch profvoetbal zijn ondoorzichtig. Deloitte Sports Business in Manchester publiceert elke zomer een rapport over de internationale voetbalfinanciën en weigert de laatste jaren de Belgische cijfers op te nemen omdat ze niet te vertrouwen zijn. Rapportage vanuit de clubs is miniem, vaak zelfs in verkorte jaarrekeningen.

Wellicht heeft de licentiecommissie van de voetbalbond alle data om een mooi jaarlijks rapport te publiceren, maar dat wordt niet aangemoedigd, zelfs tegengewerkt. Om het met een boutade van een clubbestuurder te zeggen, toen in 2014 meer financiële controle in de pipeline zat: “Dat hoeft niet, wij doppen liever onze eigen boontjes.”

Daarnaast is de hele handel en wandel met de makelaars en zaakwaarnemers heel ondoorzichtig. Het gebrek aan controle laat wantoestanden toe zoals die nu aan het licht zijn gekomen: facturen naar het buitenland die terugkeren als nettovergoedingen of verkoopbare horloges, overdreven commissies waarmee loon wordt betaald, vreemde arbeidscontracten met lage basissalarissen en hoge tekengelden.

Michel Maus: “Op het eerste gezicht kun je de clubs niet verwijten dat ze een factuur van een buitenlandse vennootschap van een makelaar betalen. Als ze evenwel meewerken aan constructies om de Belgische fiscus te bedriegen én er geld terugkeert, dan komen ze in de buurt van witwas.

“Daarom zou het goed zijn als ook het voetbal een witwasmeldingsplicht zou hebben zoals de boekhouders en advocaten. Een vermoeden van foute herkomst? Melden aan de witwascel. Financiële voetbaltransacties zouden een orgaan moeten passeren dat alles screent, horizontaal toezicht.”

Verhoog minimumsalaris voor niet-EU-voetballers en eis bijkomende criteria zoals internationale ervaring, bevorder doorstroming van eigen jeugd

Waar Nederland de drempel voor niet-Europeanen zeer hoog legt (422.000 euro is het minimum), wil het Belgische voetbal geen dam opwerpen en absoluut de import-export van goedkope buitenlandse voetbalkrachten in stand houden. Daardoor is de omloopsnelheid van een speler in de Belgische competitie veel hoger dan die uit de Nederlandse. Omgekeerd vertonen de Belgische clubs een lagere stabiliteit, iets wat het sportieve succes hypothekeert, maar het economische bevordert.

Nergens in de hele wereld herbergt een nationale voetbalcompetitie meer buitenlanders dan de Jupiler Pro League. Engeland flirt ook met 65 procent, maar daar zijn alle buitenlanders van absolute wereldklasse, iets wat niet kan worden gezegd van de importspelers in Belgische loondienst.

Maus: “Een Teodorczyk (ex-spits van Anderlecht, HVDW) 2 miljoen betalen, ik zie de meerwaarde daar niet van in. Bovendien gaat dat in tegen de voorwaarden waaronder de belastingverlaging werd toegekend: de promotie van de jeugdopleiding. Bij de hele transfermarkt kun je je trouwens ethische vragen stellen en ik denk dat het een kwestie van jaren is voor dat helemaal anders is georganiseerd.”

De vier werven

 

Column over waarom Coucke en co het voetbal niet kunnen hervormen in De Morgen van maandag 16 oktober 2018

Niet Coucke, maar de overheid

moet het voetbal hervormen

De parallellen tussen het drugs- en het voetbalmilieu kreeg u hier al mee. Er is ook een parallel tussen de dopingproblematiek in het wielrennen en de corruptie in het voetbal. Met dien verstande dat doping, hoewel laakbaar, nog steeds sportieve winst als doel heeft. Voetbalcorruptie/bedrog niet, die heeft financiële winst als finaliteit. U moet zelf maar uitmaken wat u het meest verwerpelijke vindt.

Net als in de strijd tegen doping schoot de strijd tegen de corruptie alleen maar op nadat de overheden er zich mee bemoeiden. Neem de politionele acties. Wie kan 220 man op de been brengen voor vijftig huiszoekingen? Alleen het gerechtelijk apparaat. De voetbalmedia wordt nu verweten: “ze wisten het allemaal”. Precies wat men de wielermedia twintig jaar geleden ten tijde Festina verweet.

Van sportjournalisten die moeten overleven in een competitief milieu waarin elke scheet wereldnieuws is, mag je niet verwachten dat ze wantoestanden aanklagen of schandalen uitspitten. Voor je het weet, ben je een outcast. Dit is geen verschoning want er was evengoed schuldig verzuim. Dat twee journalisten van Het Laatste Nieuws en één van Het Nieuwsblad in verdenking zijn gesteld voor betrokkenheid bij criminele organisaties en omkoping, is een blamage. Dat is de meest gecompromitteerde wielerjournalist nooit overkomen.

Beweer anderzijds niet dat nooit is geprobeerd om één en ander aan de kaak te stellen. Over de makelaarswereld zijn verhalen verschenen, maar niemand van de journalisten – bedoeld wordt, zij die verder kijken dan 1-0, de 3-4-3 en het volgende interview – had de bevoegdheid om huiszoekingen te doen of telefoontaps te plaatsen om bewijzen te verzamelen. Dat weer andere collega’s zich tegen malafide figuren aanschurkten, klopt ook. Zij werden beloond met exclusieve interviews, reisjes, nieuwtjes en wat al niet meer. Van voetbaljournalistiek tot voetbalhoernalistiek, het is maar een kleine stap.

Matchfixing idem, ook daar is veel over geschreven, al hebben we ons met dank aan een aantal fantasten te lang blindgestaard op een stel mallote Aziaten van wie we vermoedden dat die in een achterafkantoortje bepaalden hoe en wanneer er hoek- en strafschoppen gingen vallen. So what? Het echte vervalsen van de degradatiestrijd, en nog wel vier jaar op rij als alle info klopt, gebeurde onder onze ogen.

Vervang matchfixing door doping en je zit bij de wielrennerij van al even geleden. De belangrijkste parallel tussen het voetbal van nu en het wielrennen van toen, is dat autoregulering niet heeft gewerkt en nooit zal werken. Zolang de ploegen, de ploegleiders en de wielerbonden zelf aan zet waren, veranderde er niets aan het dopingprobleem. Pas toen onafhankelijke instanties er zich mee gingen bemoeien, zijn stappen gezet.

Marc Coucke zei afgelopen vrijdag in ‘De Afspraak’ dat hij van België hoogstpersoonlijk een gidsland in corporate governance in het voetbal wil maken. Alstublieft neen, we moeten Marc Coucke en die hele Profliga ver weg houden van de hervorming van
het Belgische profvoetbal. Ze hebben collectief gefaald en nu zouden ze ineens het licht zien en hun handel en wandel zelf willen opkuisen? De démarche van Coucke is niet meer dan damage control om zoveel mogelijk van de bestaande toestand en de faveurtjes te redden.

De Profliga godbetert, wie gelooft die lui? De clubjesclub waarvan de CEO eerst werkte bij Standard onder de veroordeelde ex- makelaar Luciano D’Onofrio, vervolgens bij het failliete White Star Woluwe met de halve gangster John Bico en dan bij RAEC Mons van Domenico Leone, die verdacht werd van verduistering van subsidies. Mons ging onder het toeziend oog van Pierre François failliet, waarna hij twee maanden later CEO werd van de Profliga.

De voorzitter van de Profliga dan: dat is Marc Coucke. Die slaagde erin voor de transfer van 10 miljoen van Landry Dimata van KV Oostende naar Wolfsburg 3,7 miljoen euro commissie betalen aan Didier Frenay. (Sommige bronnen spreken van een transfer van 8 miljoen.) Waar dát goed voor was, moet hij toch maar even uitleggen.

Coucke duwde KV Oostende naar de financiële afgrond en liet de club achter met een aantal lijken in de kast. Coucke en zijn waanzinnige KVO-uitgaven waren de aanleiding voor de Profliga om in de zomer van 2017 een Belgische versie van de Financial Fair Play in het leven te roepen. Heel recent heeft Coucke de Profliga gesmeekt om de financial fair play op te rekken zodat hij meer schulden zou kunnen maken met Anderlecht. Club Brugge en Genk hielden dat gelukkig tegen.

Enkele federale ministers waren van de week erg verontwaardigd: de voordelen van het voetbal moeten misschien op de schop. Misschien? Zelfs zonder corruptie, omkoping, witwassen en wat al niet meer waren die maatschappelijk niet te verantwoorden, laat staan met wat nu is uitgekomen.

Ministers, volksvertegenwoordigers en andere geïnteresseerden die aan de knoppen draaien, let even op: 120 miljoen euro krijgen de zestien eersteklassers elk jaar cadeau van de Belgische overheid. Het is uw verdomde plicht om er op toe te zien dat die correct worden besteed.

Een tip: stel een onafhankelijke expertengroep samen, met belastingspecialist Michel Maus als voorzitter en laat die een nieuw financieel voetbalmodel uittekenen. Voorwaarden waaraan dat moet voldoen: maatschappelijk relevant, financieel transparant, met zorg voor de community, en bovenal gericht op opleiding van eigen jeugd in plaats van mensenhandel. De lijst met voorwaarden is niet exhaustief.

 

 

20181015_De-Morgen_p-31-mail

Column over…wat dacht u… in De Morgen van zaterdag 13 oktober 2018

Welkom in de zieke wereld

van het voetbal

Sommige voetbaljournalisten onderhouden een verknipte relatie met het voetbalbestel. Ze schurken aan tegen de top van de voedselketen, in de hoop dat er een kruimel nieuws afvalt. Of meer, zoals nu bekend is geraakt. Neem hen dat vooral niet kwalijk, het is hun reden van bestaan. Af en toe wanen ze zich Mitspieler en denken ze zelfs een beetje makelaar te zijn. Mijn persoonlijke relatie met de makelaarswereld is miniem. Ik ken René Vijt en Walter Mortelmans, die les hebben gevolgd in de opleiding waar ik lesgeef. Ze vonden mijn cursus heel interessant, wellicht omdat ik het had over het geld in de sport.

Wat heb ik gekregen van die mannen? Ik dacht niets, tot ik mij een citytripje naar Londen herinnerde, samen met een tiental van hun spelers. Ze hadden tickets en kamers over na afzeggingen en belden mij een paar dagen van tevoren om de hoop te vullen. We zouden naar het voetbal gaan, naar West Ham. Ik zag het tripje als erkentelijkheid voor de manier waarop ik hen had geïnstrueerd in de economische modellen van de sport, met name dan hoe de Amerikanen hun sport organiseerden.

Later zijn we vaak gaan eten en dat gebeurt nu nog geregeld, waarbij ik eens betaal en Mortelmans de andere keer. Brasserierekeningen, hooguit één glas wijn, geen pousse-café, wel koffie zolang we willen napraten. Roddelen eerder. Over de wereld. Die van de makelarij onder meer. En over Mogi Bayat natuurlijk.

Ik herinner mij niet meer precies wat hun eindwerk was in die opleiding sportmanagement, maar het onderwerp ging in tegen hun business, dat weet ik wel. Dat maakte Vijt en Mortelmans, toen marktleiders, tot een uniek duo. Tot ze in onmin geraakten, en dat had niets te maken met zwart geld of ander gesjoemel. Het was een conflict des mensen. Een clubmanager en ik, hij meer dan ik, hebben geprobeerd de twee een beetje met elkaar te verzoenen. Af en toe proberen we mens te zijn, jawel. De verzoening is niet gelukt.

Ik heb woensdag na de eerste geruchten Walter Mortelmans gebeld en kreeg meteen de voicemail. Hij belde niet terug. Vreemd, want dat deed hij altijd. Nog drie keer gebeld: niets. René Vijt gebeld. Hoewel ze in onmin leven, zei René onmiddellijk: ‘Daar houdt de Walter zich niet mee bezig. Die zit niet in de bak.’ Die zat daar ook niet, maar het scheelde niet veel. Ik heb hem ge-sms’t dat ik hem het beste wens en dat ik weleens zal bellen.

Mijn laatste contact met een makelaar was met Mogi Bayat. Enfin, ‘contact’… Niet echt. Dat was na Brazilië-België in Kazan, afgelopen juli. De parking van de persbussen grensde aan die van de vips en Mogi stond daar van zijn gat te geven omdat zijn vipwagen niet klaar stond. Hij zei goedendag en schold dan weer wat Russische vrijwilligers de huid vol tot de limousine arriveerde. “A bientôt à Gand”, zei hij en Very Important Person Mogi was ermee weg. Eén gedachte schoot door mijn hoofd: Mogi vip, welkom in de fucked up wereld van het voetbal.

Vincent Kompany, met het gevoel voor drama hem niet vreemd, had het van de week over de parallellen tussen prostitutie, drugshandel en voetbal. Hij heeft voor 100 procent gelijk. Dé parallel tussen prostitutie, drugshandel en voetbal zijn de advocaten, steeds dezelfde kakkerlakken die van tussen de stenen komen kruipen als de mannen van het grote en foute geld hen nodig hebben.

Donderdagavond in De afspraak zat ik naast Meester Walter, soms de risee van deze rubriek. Ik hoorde hem zijn cliënten Ivan Leko en Club Brugge – toch allebei in verdenking gesteld – vrijpleiten: onschuldige koorknapen waren het, geen vlieg zouden ze kwaad doen, laat staan met rare facturen, dito figuren of illegale constructies werken.

Ik wil dat graag geloven, hopen zelfs, maar weet u wanneer dat soort advocaten niet liegt? Als ze hun mond houden. Meester Walter zei er nog expliciet bij dat er voor alles een factuur was. Dat zal wel. De factuur wás de methode-Veljkovic. Maar naar waar, voor wat en voor wie?

Een deel van het nettosalaris dat de speler of de trainer wilde verdienen, werd door het Cypriotische bedrijfje van Veljkovic gefactureerd aan de club en vloeide in een volgende beweging vanuit Cyprus terug naar de speler of trainer. Gevolg: de club moet minder RSZ, groepsverzekering en bedrijfsvoorheffing betalen – dus lagere brutokosten – terwijl de speler en trainer toch het nettosalaris krijgen dat ze wilden.

Het is dus niet omdat er facturen zijn dat er geen sprake is van illegale constructies of ontwijking van belastingen en sociale zekerheid. Het is alleen maar te hopen dat de spelers en trainers in kwestie ook facturen hebben, want dan gaat het alleen maar over ontwijking. In het andere geval zitten we, zoals het gerecht meldde, met een mogelijk witwasscenario.

Een tip aan de voetbalbond: check even de contracten van uw stafleden. Ik kan mij vergissen, maar volgens zeer betrouwbare informatie zou in één geval ook via deze constructie zijn gewerkt.

20181013_De-Morgen_p-19-mail

Column over Ronaldo in De Morgen van zaterdag 6 oktober 2018

Arme Ronaldo

CR7 zal volgende week niet spelen met Portugal. Reden: Ronaldo heeft een klacht voor verkrachting aan zijn broek. In de VS nog wel, de tot voor kort veilige plezierhaven voor uitgewoonde voetballers en het land van zijn sponsor Nike.

Arme Ronaldo en bij uitbreiding zijn collega’s. Klauwen vol geld, aanbidders (m/v) op alle continenten, media aan de lippen en horden groupies aan elke vinger. Owee, als ze er een groupietje uitpikken om van nabij kennis te maken, ’s anderendaags stapt die verdorie naar de politie om haar beklag te doen en voor je het weet mag die arme sjotter zuurverdiende centen dokken.

Topvoetballer zijn, het is geen leven. Ik kende er een die zijn “matrasjes” (zijn woorden) eerst een papier liet ondertekenen voor ze gingen wippen – hij noemde dat het pre-poep-agreement (naar pre-nup, voor wie niet mee is) – maar daar heeft Cristiano Ronaldo natuurlijk niet aan gedacht. Neen, die kon niet eens wachten tot zijn invitee in de jacuzzi en aanverwante verwenplekken een beetje op temperatuur was gebracht.

Dat niemand hem dat heeft geleerd: spanning wat opvoeren, hitsigheid bedwingen, het mooie lijf het werk laten doen. Alles verloopt achteraf des te makkelijker als het spel van geven en nemen volgens de regels van de kunst wordt gespeeld. Nu was het een heel gedoe, inclusief anale scheurtjes, zo kan worden opgemaakt uit dossier A-18-781869-C opgesteld door de Las Vegas Metropolitan Police.

In de badkamer goeiendag komen zeggen terwijl de vrouw in kwestie haar badpak past en meteen de penis in haar gezicht duwen, van een binnenkomer gesproken. Vervolgens die vrouw op het bed duwen en haar van achteren binnendringen. She was sodomized, zoals de flikken dat in Las Vegas omschreven.

Dat is ze allemaal meteen die 13de juli 2009 na een hospitaalbezoek gaan vertellen aan de politie, zonder evenwel de naam te willen noemen van de beroemde man die haar had verkracht. Dat laatste is het enige ‘minder sterke’ element in het verhaal van Kathryn Mayorga, maar Ronaldo heeft een en ander bevestigd aan zijn advocaten. De details van de hele affaire zijn zo echt dat niemand ze kan verzinnen.

Dat hij haar zou hebben gezegd dat hij voor 99 procent oké is, en dat zij nu die ene procent foute Ronaldo had meegemaakt, dat hij daarna meteen een team samenstelde van fixers die de schade moesten beperken en afhandelen middels een financiële deal en een non disclosure en ga zo maar door, dat past allemaal in het beeld van de narcist Ronaldo die zich boven alles en iedereen verheven voelt. Die zomer was hij bovendien echt king of his world. Hij was onderweg van Manchester United naar Real Madrid en voor het eerst de duurste en best betaalde voetballer ooit.

Eveneens behoorlijk revelerend is hoe zijn team van fixers er door een contact bij de politie in slaagden de klacht te laten herkwalificeren van geweldsmisdrijf naar gewone aanranding van de eerbaarheid. En de politie meeging in het verhaal dat de twee partijen het zelf wel zouden regelen. Het dossier verzeilde op de backburner, het achterste pruttelende vuurtje, dus geen prioriteit.

Negen jaar later is het dat wel en staan Ronaldo en co en fixers terug bij af, met dank aan Football Leaks. Dat is de geheimzinnige hacker die er een sport van maakt om het vuil van de cliënten van supermakelaar Jorge Mendes, onder wie Ronaldo, op straat te gooien. Op 18 september 2018 diende Mayorga uiteindelijk wel een klacht in, ook al omdat ze daartoe werd verplicht omdat de hele affaire door Der Spiegel aan het rollen was gebracht nadat die haar hadden opgezocht.

De Ronaldo-supporters die nu moord en brand schreeuwen dat hun lievelingsvoetballer onterecht aan de schandpaal wordt genageld, moeten zich misschien eens beginnen realiseren dat hij al eerder in Engeland en Italië voor dezelfde aanklacht geld heeft betaald aan een vrouw. De reactie van zijn werkgever Juventus eergisteren was verbijsterend. “Cristiano Ronaldo is een zeer gewaardeerde speler die zich bij ons altijd erg professioneel heeft gedragen.” En dan nog iets over “vermeende feiten van tien jaar geleden”.

Moeten we ons daarover verwonderen? Nauwelijks, gezien de geschiedenis van omkoping en doping in deze club. Nog minder, omdat we het over de voetballerij hebben, een wereld onlosmakelijk verbonden met mensenhandel, doping, fysieke aanslagen en waarin normvervaging de regel is. Onder het mom dat topsport de topsporter in een toestand van mentaal en fysiek onevenwicht brengt, worden alle mogelijke uitwassen vergoelijkt. Punten, goals en assists zijn oneindig veel belangrijker dan goede manieren.

Iconen worden versneld van hun voetstuk gehaald als de barsten groot genoeg zijn. Ronaldo is klaar voor de sloop want dit is geen barst in zijn imago, dit is – om in de streek van het plaats delict te blijven – een Grand Canyon. De Amerikaanse politie is deze keer wel vastbesloten om de zaak uit te spitten. Een land dat sportcarrières naar de vuilbak verwijst voor huiselijk geweld, zal een Europese voetballer, hoe getalenteerd ook, nooit vrijuit laten gaan.

Een voorspelling: in het voor hem meest gunstige geval heeft Ronaldo afgedaan als wereldster en is hij straks zijn miljoenen van Nike en andere sponsors kwijt. In het slechtste geval volgt er een internationaal aanhoudingsbevel vanuit de VS. Als ze in Europa achter corrupte FIFA-leden aangaan, dan zeker achter een verkrachter.

 

 

Interview Ismail ‘Cool’ Abdoul in De Morgen van zaterdag 29 sep 2018

‘Een kop is niet gemaakt om op te slaan’

 

Zijn leven wordt verfilmd, maar anderhalf uur is veel te kort. Vijf seizoenen op Netflix, daarmee kom je misschien toe om een goed beeld te schetsen van de mens achter bokser Ismail Abdoul. Titelsuggestie? Breaking Good. Dat is toch wat iedereen hoopt.

Deze maand is hij 42 geworden. Ogenschijnlijk gezond, op zich al een wonder na 99 profkampen als bokser tegen de besten van de wereld, en passant vijf keer in de gevangenis en die ene ambetante kogel in zijn ballen. “Als ik ergens spijt van heb, dan is het dat men mij vooral zal herinneren als bad boy. En niet van mijn kampen tegen onder meer tien wereldkampioenen bij wie ik de twijfel in hun ogen zag. Freddy wel, die weet wat ik heb gepresteerd.”

Freddy is de zelfverklaarde legende Freddy De Kerpel en hoewel die 70 is, boksen De Kerpel en Abdoul volgende week vrijdag op het Gents Boksgala tegen elkaar, in vier ronden van twee minuten. Een showkamp, waarvoor Abdoul drie keer per week een uurtje gaat lopen. “Meer tijd heb ik niet. Ik werk twaalf uur per dag en dan moeten mijn gasten nog naar de voetbal. Het zal zo ook wel gaan, zekerst? Om in de bokszaal te gaan sparren en mijn neus scheef te laten slaan, daar heb ik geen zin meer in. Het schijnt wel dat Freddy aan het trainen is als zot, hein Charlotte?”

Enter Charlotte Deprez, al bijna twintig jaar zijn muze, toeverlaat, vrouw en moeder van zijn kinderen. “Freddy komt in dezelfde fitness als ik. De baas zegt dat hij daar bijna woont.”

Jij zou je maat Freddy kunnen doodslaan.

Ismail Abdoul: “Maar neen, ik ben niet afgetraind zoals voor mijn laatste kamp in 2016. Bovendien heb ik nooit een ko gezocht, dus nu zeker niet. Vrienden van mij bellen mij soms en vragen bezorgd of ik toch aan het trainen ben, want zij zien Freddy trainen.

“We boksen met dunne handschoenen, zonder helm, alles echt. Hij weegt ook 80 kilo en als ik een verkeerde slag krijg van hem… Hij wilde in het Guinness Book of Records als oudste bokser ooit met een officiële kamp, maar dat idee laat hij vallen. Voor mij. (slikt) Omdat hij zijn verjaardag in de ring met mij en niemand anders wil vieren. Wat een eer. “Freddy is mij altijd blijven steunen en ik wil alles doen voor hem, maar geen officiële wedstrijd. Ik heb er nu 99 en heb het mijn vader beloofd dat ik er geen 100 zou van maken. Omdat Allah 99 namen heeft. Ik kan het mijn pa niet meer vragen, want die is in 2016 gestorven.”

Hoe heb jij 99 profkampen overleefd en niet tegen de minsten?

“Hoge verdediging. Stoten blokkeren. Een goeie defensieve techniek. En ik was nooit bang. Ik ving hun slagen op, maar tegelijk drukte ik hen achteruit en dat hebben ze niet graag, want dan moeten ze slaan terwijl ze achteruitlopen. Dat verlamde hun tactiek. Murat Gassiev, Krzysztof Wlodarczyk, David Haye, Don Diego Poeder, Marco Huck, Yoan Hernández, Arsen Goulamirian, Mateusz Masternak, Tomasz Adamek… dat zegt je niks, zeker? Allemaal wereldkampioen geweest. Ik heb 25 titelkampen gevochten. Iedereen in de ogen gekeken en meegebokst, de mensen waar voor hun geld gegeven, soms voor 12.000 man.

“In Gent was ik graag gezien, maar in het buitenland werd ik echt gewaardeerd. Van Abdoul wisten ze: hij komt om te werken, hij gaat niet op de grond liggen na een paar rondes. Zevenendertig keer verloren, maar nooit ko gegaan, wie doet mij dat na?

“Die ene technische knock-out op mijn palmares was diefstal. Dat was in 2002, mijn eerste buitenlandse kamp: in Polen tegen Wlodarczyk voor de IBF-wereldtitel. Ik sta voor op punten, krijg een goeie slag, ga even door de knieën, maar sta onmiddellijk weer recht. Ineens zie ik de scheidsrechter de beweging maken dat de kamp afgelopen is. Niet eens acht tellen gehad. Misschien goed ook, je weet nooit of na een knockdown niet die ene vreselijke slag komt.”

Je lijkt niet geschonden.

Charlotte Deprez: “Je hebt hem niet gezien na de kampen. Soms zag hij er toch niet uit.”

Abdoul (haalt schouders op): “Boksblessures: wenkbrauwen open, een snee in het gezicht en zo, niks ergs. Kan gebeuren.”

Deprez: “Hij vergeet. Ik denk dat het komt door het boksen. Soms is het lachwekkend, loopt hij naar de auto om iets te halen en tegen dat hij daar is, weet hij het niet meer.”

Abdoul: “Een kop is niet gemaakt om op te slaan en elke slag is een slag te veel. Dat vergeten, moet ik dat laten onderzoeken? Weten dat ik iets heb en dat er niks aan te doen is, daar zie ik het nut niet van in. Ik ga gewoon een beetje meer opletten dat ik de dingen onthou.”

Deprez: “Ik heb vaak in spanning gezeten. Die kampen kwamen soms op Eurosport en dan was het dubbel: kijken of niet kijken? Wat als er iets gebeurt en je zit hier en je hebt dat gezien? Dan word je gek. Mijn eerste vraag was nooit ‘heb je gewonnen?’, maar ‘heb je iets?'”

Je staat nu weer wat in de belangstelling, en volgend jaar komt die film uit gebaseerd op je leven, maar dat zal verdwijnen.

“Het hoeft niet meer voor mij. Geef mij maar mijn gezin, drie keer in de week mijn zoontjes (Malik en Naim, 7 en 5, HV) naar de training brengen en werken overdag. In het weekend is er wedstrijd op zaterdag van de ene en op zondag van de andere. Ik hou mijn mond als ouder langs de lijn. Het enige wat ik zeg is: luister naar de trainer. Ik wil niet meer opvallen. Er is te veel over mij geschreven en niet altijd positief.”

Wat wil je, met alles wat je hebt uitgespookt.

“Ik ga niks ontkennen wat ik niet heb gedaan en ik ben nergens trots op, maar de eerste keer dat ik in de bak ben gevlogen was onterecht. Ik had in dat casino gewerkt en even later werd het overvallen door iemand met lang zwart haar. Ik had géén haar, maar ik werd wel opgepakt en zat twee maanden vast.”

Een jaar eerder kreeg je een kogel in je onderbuik. Wij zijn in dezelfde sociale woonwijk opgegroeid, maar mij is dat niet overkomen.

“Omdat je geen portier was. (lacht) Een raar beroep natuurlijk, maar ik moest het doen om te kunnen boksen. Overdag trainen, ’s avonds en ’s nachts portier. Wat dat inhoudt? Je moet jezelf bewijzen. Kostuumke aan, voor de deur gaan staan en iemand wa pletsen geven als hij zich niet gedraagt. Of klemmen en buiten zetten. Niet ideaal voor een sporter.

“Ik heb een goeie jeugd gehad. Op Malem (de sociale woonwijk op de Gentse Brugse Poort, HV) was het heerlijk opgroeien. Als kind ben ik naar de koranschool gegaan. Ik spreek dus Arabisch en hoewel ik makkelijk vergeet, kan ik nog koranverzen minutenlang uit mijn hoofd opzeggen. Die hebben ze er soms ingeklopt, zo gaat dat daar.

“Ik heb nog nooit alcohol gedronken, maar ik kan niet zeggen dat ik nooit heb gezondigd, met alle stommiteiten die ik heb gedaan. Ik bid nu vijf keer per dag, ik voed mijn kinderen zo op, maar later moeten zij kiezen wat ze willen. Charlotte is ook geen moslima. Ik ben wel in 2005 naar Mauritanië gevlogen om mijn vader zijn zegen te vragen om met haar voor de islam te mogen trouwen.”

Ben je betrokken bij de film?

“In het begin wel. Nadien zijn daar allemaal andere mensen bijgekomen en is het scenario aangepast. Het is ruwweg gebaseerd op mijn verhaal en het boek dat in 2007 over mij verscheen. Het gaat over een portier die een succesvol bokser wordt, maar veel details zijn veranderd, allemaal om het verhaal meer een verhaal te maken. Ik snap dat wel; als ze het juist willen vertellen, hebben ze een film van negen uur nodig.

“Misschien komt er nog een tweede boek. Mijn eerste boek stopt in 2007, ongeveer op het moment dat ik weet dat ik zal moeten zitten. Of een documentaire, want de film stopt als ik vrijkom met een enkelband. Er is daarna nog wel wat gebeurd.”

Hoeveel keer ben je naar de gevangenis gemoeten?

“Vijf keer. De eerste keer was onterecht, daar ben ik voor vrijgesproken. De laatste keer ook, dat was maar een paar dagen omdat
ik als portier had gewerkt tijdens mijn voorwaardelijke vrijlating. Dat mocht niet en dat was ik vergeten. Enfin, niet echt, ik had geld nodig. De rest was voorarrest en dan uiteindelijk twee jaar gezeten van de vijf die ik heb gekregen. Dat was enerzijds voor een zaak van afpersing en daar kwam ook nog bij dat ik eens een knokploeg had samengesteld om iemand een lesje te leren. Ik vertel het maar zoals het is en denk nu niet dat ik daar indruk wil mee maken.”

Wat bezielde je?

“Eigenlijk ben ik altijd omgepraat om mee te doen. En ik kon geen neen zeggen.”

Deprez: “Dat is juist, wat hij zegt. Mensen hebben mij gevraagd wat mij bezielde om bij hem te blijven. Of ik niet beter aan mijzelf kon denken. Mijn familie heeft mij wel altijd gesteund. De meesten werken nog wel bij de politie, maar ze wisten dat ik gelijk had: dat Ismail goed van inborst is en goed voor mij en de kinderen.”

Je zat in Merksplas, geen leuke plek.

“Ah, je weet het. Ik was de Nieuwe Wandeling in Gent gewoon en toen hoorde ik van iemand dat ik op de transferlijst stond. Normaal mag je dat niet weten, want ze zijn bang dat je dan boel gaat maken. Ik ben beginnen rondbellen als gek. Niks hielp. Mijn vrouw woonde in Gent, waar alle dagen bezoek was. In Merksplas kon dat maar één keer per week. Ze was vijf uur kwijt om mij één keer te zien.

“Merksplas, pfff. Kom ik daar aan op celblok, de doorgangscellen. Waar is het toilet? Daar, die emmer met een deksel. Wordt ververst om 12 uur en ’s ochtends. Lopend water? Daar, een kan water. Wordt ververst om 12 uur en ’s ochtends. Ik ben twee jaar op celblok gebleven omdat ik dan een cel alleen kreeg. Ik wilde niet met vier in een cel.

“Gelukkig ben ik snel fatik (gedetineerde met een ondersteunende functie voor het gevangenispersoneel, red.) geworden en was ik een voorbeeldige gevangene. Iedereen moet boeten voor zijn zonden, dus heb ik braaf mijn straf uitgezeten. Een maat van mij had me gewaarschuwd voor de psychotechnische testen. Ze hadden hem een zwarte vlek getoond en hij zag er een vleermuis in. Zeg nooit vleermuis, gaf hij als raad, want zo denken ze dat ik psychopathische trekjes heb. Ik kreeg ook die zwarte vlek en ik zei dat ik er een mooie vlinder in zag. Zo kwam ik vervroegd vrij met een enkelband.”

Hoe sta je er nu voor?

“Goed. Ik heb een mooi gezin met twee zonen en een lieve vrouw. We hebben allebei werk en samen hebben we een mooi salaris, ware het niet van die schuldbemiddeling. Ik kwam in 2007 vrij en vanaf 2009 kwamen de deurwaarders aankloppen om mijn schuld af te lossen.

“Van mijn salaris van 2.300 euro netto krijg ik een leefloon, en al de rest – ook de kilometervergoeding – gaat naar het terugbetalen van de schuld. Soms is het scharten, maar ik heb nog anderhalf jaar te gaan voor alles is betaald. Als dat voorbij is, zal ik 290.000 euro hebben terugbetaald. Een huis dus.

“Zeggen dat ik in het begin van mijn bokscarrière ongeveer zwom in het geld. In België bokste ik voor 3.000 euro, maar in het buitenland kreeg ik soms 20.000 tot 30.000 euro voor een titelkamp. Gevolg: dikke auto’s – zoals een BMW M3 cabrio met beige leren zetels en surround dvd – en een gouden ketting rond mijn nek.”

Je bokste voor het laatst in 2016 maar vorig jaar stond je weer in de krant. Uitkerings- en identiteitsfraude, hoe dom kun je zijn?

“Precies wat mijn vrouw ook zei. Zij wist er niets van, maar ze was er niet gerust op toen na de dood van mijn vader nog officiële post voor hem in de bus zat. ‘Heb je zijn dood wel aangegeven?’, vroeg ze. En ik loog. Mijn vader was in Mauritanië gestorven; ik was daar geweest voor de begrafenis en had gezien hoezeer zijn nieuwe gezin afhankelijk was van zijn pensioentje. Ik heb dat verder laten storten, ook na zijn dood. Gelukkig heb ik geen cent zelf gehouden, wat ik heb kunnen bewijzen.

“Het is uitgekomen omdat zijn identiteitskaart verviel en ik naar de Dienst Bevolking ging met een lookalike die niet echt op mijn pa leek. Dom, en ik had prijs, maar gelukkig al na een jaar, waardoor de som die ik moest terugbetalen nog enigszins meeviel. Charlotte vernam het van een collega die het had gehoord op de radio.

Deprez: “Ik dacht: het is niet waar. Al die jaren niks aan de hand en nu dit. Ik was zo boos. Jammer van die familie in Afrika, oké, maar wat met ons? Wat als hij terug naar de gevangenis moest?”

Abdoul: “Ze zwoer dat ze nooit meer zou komen en zeker nooit met de kinderen.”

Deprez: “Dit is nu toch zijn laatste stoot geweest.”

Abdoul: “Dat geld om terug te betalen hebben sponsors en vrienden mij voorgeschoten en gelukkig kreeg ik een werkstraf: 150 uur. Ik zit op vrijdag en zaterdag vier uur als onthaalbediende in het Dr. Guislain Museum (het museum van de psychiatrie, HV). Ik bewaar de rugzakken van de bezoekers en kijk of ze niet aan de schilderijen komen. (lacht) Weer portier, ja, maar een beetje anders.”

 

Ismail Abdoul

Column WK Molshooprijden in De Morgen van zaterdag 28 sep 2018

WK molshooprijden

voor en door eigen volk

Het WK wielrennen komt in 2021 naar Vlaanderen. Ik ben fan. Waar kan ik een petje kopen? Ik ken ook het parcours van de tijdrit, als dat tenminste klopt met wat er in de krant staat. Het probleem met grote organisaties, zelfs in een relatief kleine sport als wielrennen, is dat het finale plan nooit helemaal overeenkomt met de bid. Idem voor de finale kosten die nu worden geraamd op 18,7 miljoen euro.

Het WK naar Vlaanderen halen wordt verkocht als een stunt omdat dit de honderdste editie zou zijn. Goed voor de affiches, maar wie heeft er een boodschap aan dat de Zweed Gunnar Sköld op 4 augustus 1921 een 180 kilometer lange tijdrit won in Kopenhagen, wat dan als WK gold?

Het was een binnenkopper, want de editie van 2020 kregen ze aan de straatstenen niet kwijt. Nederland was eerst kandidaat met de provincies Groningen en Drenthe, maar dat plan kreeg deze zomer geen steun. Tegenkandidaat Veneto kreeg tot overmaat van ramp ook de financiering niet rond. Uit arren moede organiseert de internationale wielerunie UCI dan maar in de eigen achtertuin, met als gevolg dat zowel in 2020 als in 2024 het WK in Zwitserland doorgaat.

In 2025 wil UCI-voorzitter David Lappartient dan naar Afrika. Naar Afrika gaan met je kampioenschap is de snelste weg naar de afgrond. Alleen het voetbal heeft dat overleefd, al scheelde het geen haar. Het is te hopen dat die lapzwans er tegen dan niet meer bij is, maar het valt te vrezen dat een andere lapzwans hem opvolgt.

Het wielrennen heeft veel problemen, niet het minst het niveau van wie daar aan de knoppen draait. Het lijkt wel of na de betreurde Hein Verbruggen vooral is gerekruteerd onder de zwakzinnigen. Met als gevolg dat het WK niks te vroeg naar Vlaanderen komt. Zoals de ploegen nu fuseren en verdwijnen, de fans afsterven en de grote sponsors afhaken of wegblijven, zou het verbazen als het huidige profwielrennen het tot 2021 uithoudt.

Maar we blijven positief. En op onze hoede. De totale kosten van het WK in Vlaanderen zullen om en nabij de 20 miljoen uitkomen. Is dat veel? Ja, dat is veel. Is dat te veel? Neen, dat is niet te veel. Wellicht wordt Vlaanderen 2021 het enige WK uit de recente geschiedenis en ook in de toekomst dat er een euro of meer zal aan overhouden. De economische return, waarover minister Ben Weyts toeterde, is geen fata morgana.

Twee oorzaken. Ten eerste: dat de stroom fans andere bezoekers zou afschrikken, wat voor veel locaties geldt (‘verdringing’ heet dat fenomeen), geldt niet voor Dudzele en Leuven. Niet eind september, niet midden in de zomer, nooit eigenlijk. Anderzijds, mag men ook niet denken dat buitenlanders in de jaren daarna en masse naar onze contreien zullen afzakken. Het blijft Vlaanderen, niet bepaald de mooiste plek op aarde.

Ten tweede, en veel belangrijker: de lokale belangstelling voor wielrennen. Die is niet te schatten. Nergens ter wereld zijn zoveel wielerfans per honderd inwoners als in Vlaanderen. Ze zullen tegen die tijd de gemiddelde leeftijd van 60 hebben bereikt, maar als ook maar een fractie daarvan zich richting parcours begeeft en een pint koopt, zijn Golazo en Flanders Classics uit de kosten.

Lichtjes problematisch wordt het natuurijk als deze beide privébedrijven de eventuele lusten zullen verdelen, terwijl de lasten toch hoofdzakelijk op de rug van de belastingbetaler worden afgewenteld. Blijkbaar is dit nu eenmaal het businessmodel van de moderne sport: de hele maatschappij betaalt voor het sportvertier van een klein deel en de winst van een paar.

Vlaanderen, dus u en ik, draagt 13 miljoen euro bij in de organisatiekosten. Doe daar maar een hele schep bij aan verdoken en lokale kosten zoals ordehandhaving, of het toevallig net dan herinrichten en herasfalteren van straten en wegen waar het WK-peloton over moet. Het zou bijgevolg niet meer dan goed bestuur zijn als de vzw WK 2021 openheid van zaken zou geven, bijvoorbeeld over de fee die is betaald aan de UCI. Daar wordt nu wat geheimzinnig over gedaan, maar waarom? Hoog tijd voor een parlementaire vraag daarover.

Het WK wielrennen in Vlaanderen en vooral de 13 miljoen (en meer) die de overheid daarvoor op tafel zal leggen, is ook verheugend nieuws voor de andere sporten in dit land. Dertien miljoen is ruim meer dan de helft van het totale topsportbudget van Vlaanderen. Als men dat bedrag uit een apart potje op tafel kan leggen voor een tanende, regionale sport als koers, moet dat ook lukken om grote toernooien in andere, echt grote sporten, waarin we ook meetellen, naar Vlaanderen te halen.

Het kan natuurlijk niet de bedoeling zijn dat we in tijden van budgettaire krapte geen geld vinden om het topsportbudget te verhogen voor steeds beter presterende sporters en teams, maar wel 13 miljoen op tafel kunnen leggen voor het WK molshooprijden voor en door eigen volk, omdat we toch zo graag nog een keertje wereldkampioen zouden worden.

 

 

WK Molshooprijden

Column de Rek op Remco in De Morgen van woensdag 26 sep 2018

De rek op Remco

Niemand wil de Kannibaal van Schepdaal worden genoemd. Net zo min als de Hongerige van Tongeren of de Piston van Virton. Van onze kersverse wereldkampioen tijdrijden bij de juniores, en als alles een beetje normaal verloopt ook op de weg, is dat niet zo zeker. Remco Evenepoel (18) en entourage doen weinig moeite om te dimmen. Waarom zouden ze, als de dichtste belager op anderhalve minuut eindigt? Een beetje euforie is dan wel gewettigd.

Remco Evenepoel is de derde Kannibaal in de rijke geschiedenis van de vaderlandse wielersport. Sven Nys, die nooit verder kwam dan het veld en een negende plek op de Olympische Spelen op de mountainbike, kreeg al eens de twijfelachtige eer om hetzelfde epitheton als de GOAT (greatest of all time) te dragen, maar niemand die het aandurfde om hem als de nieuwe Eddy Merckx te bestempelen.

Nieuwe Merckxen anders genoeg gezien in die veertig jaar dat Eddy is gestopt, maar geen enkele die én de nieuwe Merckx én de Kannibaal werd genoemd. Evenepoel is het allebei en wat nu volgt, is een poging om het allemaal een beetje te contextualiseren, om te waarschuwen ook en vooral om dat hele arme Belgische wielrennen, dat al decennia smeekt om een supertalent dat níét voortijdig in de goot belandt, met de voetjes op de grond te houden.

Te beginnen bij Remco Evenepoel zelf. Onbegrijpelijk dat zowel de bond als zijn aanstaande ploeg QuickStep die jongen niet eerst op cursus heeft gestuurd. Een masterclassje ‘wat denk je, maar zeg je vooral niet’ was van pas gekomen. Je zegt bijvoorbeeld niet: “Ik klim 5 per uur rapper dan de rest.” Als iedereen met 15 per uur rijdt, is 5 per uur een derde sneller. Dat lijkt lichtelijk overdreven en zelfs al is het de waarheid, dan nog zeg je dat niet. Er is een regeltje: wat Eddy nooit over zichzelf heeft gezegd (maar Frans Verbeeck wel ooit over Merckx), moet Remco uit Schepdaal ook niet zeggen.

Dat het erin gaat als zoete koek, begrijpelijk. En als hij het zegt, mag het ook worden geschreven. Heel ander verhaal natuurlijk als de jongeman controleerbare dingen zegt die aanwijsbaar fout zijn. Bijvoorbeeld dat Chris Froome en Tom Boonen dezelfde maximale zuurstofopname zouden hebben, 82 met name. De laatst bekende data van Froome (in 2015 getest in het GlaxoSmithKline Human Performance Lab) geven 84,6. Boonen zat in de buurt van de 80.

De watts per kilogram lichaamsgewicht van de klimmende Evenepoel stonden ook in de krant. Evenepoel verklaart 7 watt per kilo te trappen en daar stond toen als uitleg bij dat de betere Tour-klimmers meer dan 7 halen. Er zijn er ooit twee geweest die boven de 7 uitkwamen: Marco Pantani en Lance Armstrong op l’Alpe d’Huez, toen die redelijk vol met epo zaten. Dit jaar reed Tom Dumoulin nooit boven de 5,7 watt en 6,3 is zowat de fysiologisch aanvaardbare grens voor beklimmingen die langer dan 20 minuten duren.

Misschien knijpt daar het schoentje en heeft Evenepoel op de Berendries 2 minuten lang 7 watt per kilo getrapt. In dat geval heeft hij een probleem, want hoe korter de klim, hoe hoger het vermogen. Vergeet die 7 watt, koop die jongen een nieuwe powermeter a.u.b. en stuur hem op cursus. Zorg ervoor dat hij daar niet mee te koop loopt.

Dat Evenepoel het grootste talent in jaren is dat het wielrennen heeft voorgebracht, staat als een paal boven water en het bijzondere/ frustrerende/leuke eraan is dat het wielrennen dat talent helemaal niet heeft voortgebracht. Hebben ze bij de wielerbond eens een keertje een supertalent, dan komt hij net als het speerpunt bij de profs, Greg Van Avermaet, uit het voetbal. Dat verhaal is bekend: Evenepoel speelde bij Anderlecht, PSV en ook nog KV Mechelen, verloor even zijn basisplaats en ging toen koersen.

Dat doet hij nu anderhalf jaar en hij wint alles. Een groot talent, jawel. Een uitzonderlijk groot talent, jazeker. Een nooit gezien talent? Dat moet nog blijken. Resultaten behaald in het verleden zijn een opsteker, maar geen garantie voor de toekomst. Evenepoel wordt volgend jaar prof bij QuickStep en dat is het slechtste wat hem kon overkomen. Niet QuickStep, maar dat hij op zijn achttiende, zonder één wedstrijd bij de beloften, meteen bij de grote jongens gaat rijden.

Het plan was om hem eerst bij Axel Merckx een jaar te laten rijpen en dan over te hevelen, maar Team Sky wilde hem onmiddellijk een kans geven en onder druk van alle aanbiedingen die zijn kant op kwamen, heeft Patrick Lefevere hem dan maar meteen een contract gegeven.

Zijn trainer is al jaren Fred Vandervennet, een marathonloper die ooit zijn vader trainde en die Remco Evenepoel ook begeleidde in zijn conditioneel werk als voetballer. Vandervennet stond als loper al bekend als een trainingsbeest en heeft zich later ontwikkeld als trainer. Wat dat aspect betreft, hebben ze het daar bij de Evenepoels op orde.

De vraag is dus niet of hij goed wordt begeleid en of hij een talent is, maar hoeveel progressiemarge hij nog heeft. Met andere woorden: hoeveel rek zit er nog op Remco Evenepoel?

 

 

De-rek-op-Remco

Column over de duiventil KAA Gent in De Morgen van maandag 24 sep 2018

De déconfiture van de Gentse duiventil

Het zal zoeken zijn bij AA Gent naar iets om zich aan op te trekken. Misschien dit: op 8 mei 2016 werd het in de play-offs, met een ingespeelde ploeg, ook 1-4 voor Club. Met diezelfde ingespeelde ploeg werd het eerder dat seizoen ook 4-1, maar dan voor Gent, dat was op 4 oktober. Beide scores waren overdreven, net als de 0-4 nu, maar gisteren was er toch iets meer aan de hand.

Er waren wel parallellen. Die 1-4 van mei 2016 kwam er nadat José Izquierdo bij een 1-1 stand – Gent was door Laurent Depoitre eerst op voorsprong gekomen – uit een onmogelijke hoek voorbij Matz Sels schoot. Daarna scoorde Gent zelfs nog een own goal. De ploeg werd toen niet uitgefloten. Gisteren was het fluitconcert striemend, hoewel Club ook door een gelukkig doelpunt op weg werd gezet en nadien gewoon erg efficiënt bleek.

Tenminste, dat was de tussentijdse conclusie aan de rust: dat Danjuma met een gelukje voorbij Souquet was geraakt en uit de Izquierdo-hoek had binnengeschoten, dat Gent niet moest onderdoen voor Club en zelfs veel meer aan de bal was en vaker gevaarlijker. Het fascinerende aan sport is dat soms de dingen met een reden gebeuren, en dat je goals en andere gebeurtenissen achteraf kan interpreteren aan de hand van het wedstrijdverloop.

Die Arnaud Souquet werd namelijk meteen na de rust voorbij gelopen dat het geen naam had en daar kwam de tweede goal uit. Kort daarna haalde Souquet voor het eerst en het laatst de achterlijn en zette behoorlijk voor. Wat daarna volgde was één lange/trage martelgang terug naar zijn eigen verdediging.

Misschien dat Club kampioen zal worden, maar gisteren moesten ze vaker dan hen lief het middenveld aan Gent overlaten. Ze waren wel dodelijk efficiënt voorin, geholpen door een zwakke Gentse defensie. En ze hadden het trio Vanaken, Vormer en Wesley. Vooral die laatste dan. Onhoudbaar voor de Gentse verdedigers en onhoudbaar in de volgende transferperiodes. Die vierde goal, de derde van Wesley, moet u nog eens bekijken want die illustreert de wedstrijd.

Geert De Vlieger tweette: …Overwinning van @ClubBrugge op kwaliteit. Als @KAAGent beter wil spelen zou ik toch betere spelers kopen i.p.v. naar de trainer te kijken #centraleverdedigers #spitsen #GNTCLU.

Hij heeft een punt. Voor de fans van Gent is de zomer bepaald frustrerend geweest. Vorig jaar eindigde Gent het seizoen als derde met twee certitudes: achterin werd heel weinig weggegeven met een goed sluitstuk en stevige verdedigers, voorin was met Yuya Kubo als valse negen een alternatief gevonden. Wat gebeurde er vervolgens in het tussenseizoen? Drie van de vijf verdedigers werden verkocht, Kubo werd verhuurd en met de doelman werd geleurd. Wat in de plaats kwam, is op zijn zachtst gezegd geen kampioenenmateriaal. Erger nog: geen play-offmateriaal.

AA Gent heeft alles verkocht waar ook maar een beetje winst op te halen viel. Club heeft Vanaken, Vormer en Wesley gehouden
en dat heeft geld gekost. Genk heeft Pozuelo, Malinovski en Berge kunnen houden en dat heeft geld gekost. Het zijn de twee beste ploegen van het moment en dat is geen toeval. Gent heeft van alle uitblinkers vorig jaar eigenlijk alleen Dylan Bronn (onverkoopbaar na zijn blessure op het WK), Tsjakvetadze en Kalinic kunnen/willen houden.

Gaan we nog verder terug om een reden te vinden voor deze déconfiture, dan komen we uit bij de seizoenen na de – naar Belgische begrippen althans – triomftocht in de Champions League. In de zomer van 2016 vertrokken ook heel veel spelers, maar naar competities met veel te veel geld.

De bedragen variëren van bron tot bron, maar onder het vorige trainersbewind is nadien veel geïnvesteerd in nieuwe spelers: over drie transferperiodes tussen 30 en 35 miljoen. Daarvan zijn er een aantal al weer weg, of mislukt of doorverkocht met winst. De grootste miskoop stond gisteren tussen de lijnen: vier en een kwart miljoen voor Franko Andrijasevic is geld in het water gebleken.

Gent boet nu voor fouten die in 2016 zijn gemaakt. Met al die Champions League-miljoenen had Gent stabiliteit moeten nastreven in plaats van in het wilde weg spelers te kopen en verkopen in de hoop op een snelle herhaling van de successen. De Gent-supporters konden gisteren makkelijker de Brugse elf uit hun hoofd opnoemen, dan die van hun eigen ploeg.

Gent is een duiventil geworden en de duiven zijn niet dom: ze weten dat ze na een paar goeie vluchten kunnen worden verkocht. Probeer maar eens een ploeg te bouwen met spelers die vooral eigen succes nastreven.

20180924_De-Morgen_p-22-mail

Column Wout & Walter in De Morgen van zaterdag 22 september 2018

Wout en Walter

Wout van Aert rijdt dit weekend in Waterloo, VS. Napoleon is thuisgebleven. Die werkt aan een klacht tegen de ex-ploeg van Van Aert.

Heel goed mogelijk dat meester Walter Van Steenbrugge namens Wout van Aert zijn gelijk haalt – en het weze de renner ook nog gegund – maar wellicht dan toch alleen als er door Nick Nuyens manifeste fouten zijn gemaakt die ook een idioot van een rechtenstudent, bijvoorbeeld Dries genaamd, er zou uithalen.

De sterren staan niet echt gunstig. Meester Walter zou zijn trackrecord in de sport op zijn website moeten afficheren. Het zou onschuldige/onmondige/onwetende sporters een stuk wijzer maken. Bovenaan zal staan dat hij Wesley van Club Brugge in eerste instantie heeft vrij gekregen op procedurefouten. Klein detail: die waren door een andere advocaat uitgevlooid.

In kleine lettertjes zullen volgen: de zaak tegen de Ghelamco Arena namens zijn inderhaast opgerichte vzw van Club-supporters. Die belandde in de Europese vuilbak. Zijn poging om aansluitend het grote foutenboek van zijn kompaan Ignace Vandewalle bij een uitgeverij te slijten: noppes. Zijn optreden in de zaak van een skister die naar de Olympische Spelen wilde: verloren. Marc Wilmots die wil dat de pers niet meer schrijft dat hij er niks van kent en die de lekken vanuit de ploeg twee jaar na datum laat aanklagen: geen schijn van kans en weggelachen door iedereen met een minimum aan gezond verstand.

Dat waren de bagatellen, de tussendoortjes voor het harde werk zoals het dagvaarden van de Heilige Stoel en het bisdom. Operatie Kelk, wat een sof. Of het proberen vrij te pleiten van drugdealers en doodrijders, wat ook niet lukt, maar dat is dan weer toe te juichen.

Veel problematischer en sportoverstijgend is natuurlijk wat hij de bokser Junior Bauwens heeft aangedaan. Toen die in Gent een titelkamp verloor van de Spanjaard Nieto sprong meester Walter op tafel en schreeuwde het uit: de Spanjaard had vochtafdrijvende middelen genomen.

Resultaat: dopingtest negatief en meester-tafelspringer voor eeuwig verbrand in het boksmilieu. Een advocaat komt dat te boven, maar voor Junior Bauwens was het de rechte weg naar bergaf. En o ja, dat huis dat meester Walter hem had beloofd voor zijn gehandicapte broers en zussen, daar hebben we ook niks meer van vernomen.

Wout van Aert is een pure klasbak die nooit eens hoog van de toren blaast, zijn tot voor kort enige tegenstander respecteert en als dat van hem wordt verwacht ook presteert. Het is hem gegund dat zijn advocaat voor de verandering eens een grote sportzaak wint. Kijk, en dát wordt nu een hele klus. Het arbeidshof is niet direct een plaats waar ze zitten te wachten op een showpleiter die lijzig lispelend tussen de tanden, het haar in de ogen, zijn verhaaltje komt opdissen.

In dat hof zullen ze in de eerste plaats kijken naar de feiten en de neergelegde stukken beoordelen op hun juridische merites. De feiten pleiten een beetje tegen Van Aert. Om heel eerlijk te zijn: een beetje veel zelfs.

Die heeft bij leven, welzijn en gezond verstand ooit een contract getekend tot 2019 en dat is verlengd tot 2020. Hij was toen nog jong, dat klopt, maar een contract is geen vodje papier, zo heeft zijn teammanager Nick Nuyens al eens laten vallen. Niet helemaal duidelijk hoeveel dat contract waard is – gespecialiseerde bronnen denken dat het boven het half miljoen euro bedraagt (per jaar) – maar het wordt bepaald lastig om het op uitbuiting of slavernij te gooien.

Nick Nuyens is misschien geen al te beste ploegbaas, maar van discriminatie, #MeToo of koeioneren lijkt ook geen sprake. Vervolgens heeft Wout van Aert al in juli 2018 met een andere ploeg een contract getekend dat in januari 2020 moet ingaan. Dat is met de grote trom bekendgemaakt, hoewel daar geen reden toe was met nog anderhalf seizoen te gaan. Ooit al eens geweten dat een overgang zo vroeg wordt bekendgemaakt?

Vervolgens is hij trammelant gaan maken: dat hij van de fusiegesprekken van zijn team niet wist. Ja sorry, zelfs Cristiano Ronaldo wist niet in 2013 dat Gareth Bale naar Real Madrid zou komen en hij wist zeker niet dat die duurder was dan hij.

Het management is niet verplicht om managementbeslissingen af te toetsen, ook niet bij de belangrijkste werknemer. Zo werkt dat niet in een arbeidsrelatie. Zolang Van Aert een fiets heeft, ploegmaats, sportvoeding, mecaniciens en verzorgers en – uiteraard – zijn geld krijgt, moet hij fietsen en zich voegen naar wat het team beslist.

De tegenpartij zal aanvoeren dat de breuk werd uitgelokt met het oog op een vroegtijdig vertrek. Dat er een kiezeltje is gezocht en gevonden om over te struikelen en het contract te verbreken. Met andere woorden: met voorbedachten rade.

Jawel, Wout van Aert had het volste recht zijn arbeidscontract te verbreken, alleen moet hij daar wel de gevolgen van dragen en dat wordt betalen. Aan Nick Nuyens en co. én aan meester Walter natuurlijk.

 

 

Wout en Walter